Persbericht april 2014

27 april 2014

Geachte dames en heren,

Deze week verschijnt het aprilnummer van het Geneesmiddelenbulletin in druk en op de website.

Het hoofdartikel gaat over geneesmiddelen die perifere neuropathie kunnen veroorzaken.  Het gaat om perifere zenuwen, dus zenuwen buiten het centrale zenuwstelsel van hersenen en het ruggenmerg. Deze zenuwen hebben functies met betrekking tot het voelen, bewegen of reflexen. Stoornissen van deze zenuwen geven klachten, zoals tintelingen, gevoelsvermindering, krampen, pijn, spiertrekkingen en bewegingsonrust. Infectieziekten, diabetes mellitus, vitaminetekorten en immunologische aandoeningen kunnen ook dergelijke klachten geven. De belangrijkste groepen geneesmiddelen die deze klachten kunnen veroorzaken, zijn middelen voor de behandeling van kwaadaardige aandoeningen (oncolytica), antibacteriële middelen, geneesmiddelen voor de behandeling van hypertensie, statinen, pijnstillers, psychofarmaca, anti-epileptica en vaccins.
Het is van belang dat artsen en patiënten op de hoogte zijn van het risico op deze bijwerkingen, zodat tijdig het gebruik van het geneesmiddel kan worden verminderd, gestaakt of vervangen worden door een ander middel, als aannemelijk is gemaakt dat het geneesmiddel de bijwerking heeft veroorzaakt. Bij het artikel hoort een geaccrediteerde nascholingstoets waarmee artsen en apothekers nascholingspunten kunnen verdienen.

In de prikbordrubriek Let op! wordt beschreven dat duloxetine (Cymbalta®), dat is geregistreerd voor de behandeling van depressieve stoornis, diabetische perifere neuropathie en gegeneraliseerde angststoornis, als monotherapie eenserotoninesyndroom kan veroorzaken. Herkenning (hyperreflexie, aanhoudende enkel- en oogspierreflexen) is belangrijk, omdat het een zeer ernstige bijwerking kan zijn.

In de rubriek Nieuwe onderzoeken wordt een onderzoek beschreven over het gebruik van morfineachtige middelen en benzodiazepinen bij de behandeling van chronische benauwdheid bij patiënten met COPD die niet meer op andere behandelingen reageren. Het onderzoek geeft aanwijzingen dat morfineachtige middelen en benzodiazepinen, beide in lage dosering, niet gepaard gaan met meer ziekenhuisopnamen of sterfte bij patiënten met COPD, maar dat benzodiazepinen dat in hoge dosering wel doen.

In dezelfde rubriek wordt aandacht besteed aan een door de industrie gesponsord onderzoek waaruit zou blijken dat het vroeg beginnen met oseltamivir (Tamiflu®) bij in het ziekenhuis opgenomen patiënten met griep (influenza) tot minder sterfte leidt. De uitkomst wordt  sterk betwijfeld en dat doet ook een groep internationale onderzoekers die vrij snel hierna met een zeer groot overzicht kwam waarin geen werkzaamheid van het middel op overlijden en complicaties kon worden getoond. Samen met de hoofdredacteur van de British Medical Journal wordt aandacht van de politiek gevraagd voor het grootschalige en zeer kostbare inkoopbeleid door overheden van oseltamivir voor pandemieën terwijl er geen of onvoldoende wetenschappelijk bewijs was voor werkzaamheid.

In de rubriek Richtlijnen Farmacotherapie wordt de NHG-Standaard Beroerte besproken.

Ten slotte is er in de rubriek Website van de maand aandacht voor de www.obstipatie.eu. Op deze door de fabrikant van enkele laxantia gesponsorde website wordt medicamenteuze zelfbehandeling van obstipatie besproken. Helaas worden niet de eerstekeuzemiddelen aanbevolen, maar de producten van de fabrikant.

Met vriendelijke groet,

dr D. Bijl, arts-epidemioloog/hoofdredacteur

Redactie Geneesmiddelenbulletin
Domus Medica
Mercatorlaan 1200
3528 BL Utrecht
tel. 030-2823153 of 030-2823360 (secretariaat)
Mob 06538 06548