Subklinische hypothyreoïdie: een risicofactor erbij?

Achtergrond. Manifest klinische hypothyreoïdie, veelal gepaard gaande met hypertensie en hypercholesterolemie, is geassocieerd met een verhoogd risico van hart- en vaatziekten. De behandeling van hypothyreoïdie is bekend, eenvoudig en algemeen geaccepteerd. Een recent gepubliceerd retrospectief onderzoek bij patiënten die hebben meegedaan aan een cohortonderzoek in Rotterdam, levert aanwijzingen op dat ook subklinische hypothyreoïdie een belangrijke risicofactor is voor het ontstaan van atherosclerose en myocardinfarcten bij oudere vrouwen.1 2
Methode
. Uit de patiëntenpopulatie van het cohortonderzoek werden 1.149 vrouwen ouder dan 55 jaar geselecteerd. Subklinische hypothyreoïdie werd gedefinieerd als een thyreoïdstimulerend hormoon (TSH) serumconcentratie >4,0 mU/l en een normale serumconcentratie vrij-thyroxine (11-25 pmol/l). Klinische hypothy¬reoïdie was gedefinieerd als TSH >4,0 mU/l en vrij-thyroxine <11 pmol>Bevindingen. Klinische hypothyreoïdie werd gevonden bij 13 vrouwen (1%). Zij werden niet bij de analyse betrokken. Subklinische hypothyreoïdie werd gevonden bij 124 vrouwen (11%). Na multivariate analyse, waarin werd gecorrigeerd voor leeftijd, 'body mass index' (BMI), serumconcentratie totaalcholesterol en HDL-cholesterol, systolische en diastolische bloeddruk, en roken, bleken atherosclerose (OR 1,9 [95%BI=1,2-3,1]) en een doorgemaakt myocardinfarct (OR 2,3 [95%BI=1,3-4,2]) significant meer voor te komen bij vrouwen met subklinische hypothyreoïdie dan bij vrouwen met een normale schildklierfunctie. Vrouwen met subklinische hypothyreoïdie én antilichamen tegen schildklierperoxidase in het bloed hadden een nog sterker verhoogd risico, resp. OR 2,2 (95%BI=1,1-4,3) en OR 3,5 (95%BI=1,7-7,4).
Conclusie onderzoekers. Subklinische hypothyreoïdie lijkt een sterke risicofactor voor het optreden van atherosclerose en myocardinfarcten bij oudere vrouwen. Echter, harde conclusies kunnen, door methodologische beperkingen van dit retrospectieve onderzoek, nog niet worden getrokken.

Plaatsbepaling

Het besproken onderzoek geeft aan dat subklinische hypothyreoïdie veelvuldig bij oudere vrouwen voorkomt. De aandoening brengt waarschijnlijk een even hoog relatief risico met zich mee als roken, hypercholesterolemie, hypertensie en diabetes mellitus. Het is nog niet bekend of correctie van de subklinische hypothyreoïdie, door suppletie van thyroxine, ook werkelijk leidt tot een afname van het risico van hart- en vaatziekten. Harde conclusies hierover kunnen pas worden getrokken na het verrichten van prospectieve en interventie-onderzoeken. Veel patiënten met hart- en vaatziekten hebben desalniettemin geen van de bekende risicofactoren. In de huidige praktijk is suppletie van thyroxine na de diagnose subklinische hypothyreoïdie nog niet op zijn plaats. Wel lijkt, de aanwezigheid van andere risicofactoren in aanmerking nemend, een betere controle op zijn plaats.



1. Hak AE, et al. Subclinical hypothyreoidism is an independent risk factor for atherosclerosis and myocardial infarction in elderly women: The Rotterdam study. Ann Intern Med 2000; 15: 270-278.
2. Saitz R. Another risk factor? [commentaar]. Journal Watch 2000; 20: 51.