Statinen niet voor atriumfibrilleren

Achtergrond. Van statinen wordt verondersteld dat zij meerdere effecten  hebben, zoals anti-inflammatoire, antioxidatieve en immunomodulerende. Met name de eerste twee effecten worden in verband gebracht met een mogelijke preventieve werking van statinen op het ontstaan van atriumfibrilleren.1
Atriumfibrilleren is de meest voorkomende hartritmestoornis. Ofschoon niet direct levensbedreigend, gaat atriumfibrilleren gepaard met een verhoogd risico op CVA en daarmee op morbiditeit en mortaliteit. Er is weinig bekend over hoe men deze ritmestoornis kan voorkomen. Uit één meta-analyse met zes kortdurende onderzoeken kwam een aanwijzing dat statinen het relatieve risico (RR) op atriumfibrilleren kunnen verminderen (RR 0,39 [95%BI=0,15-0,82]),2 terwijl in een andere meta-analyse met eveneens zes onderzoeken (waarvan vijf ook in de andere waren opgenomen) geen significant effect werd gevonden3. Beide meta-analysen toonden sterke heterogeniteit, de erin opgenomen onderzoeken hadden minder dan 100 patiënten per onderzoek en duurden korter dan een half jaar. Deze kritiekpunten vormden aanleiding tot het uitvoeren van een uitgebreidere meta-analyse met ook langer durende onderzoeken.

Methode. In de meta-analyse werden de resultaten van gepubliceerde gerandomiseerde kortetermijnonderzoeken naar de werkzaamheid van statinen bij atriumfibrilleren vergeleken met die van gepubliceerde én ongepubliceerde langer durende gerandomiseerde onderzoeken.1 Statinen werden daarin vergeleken met geen statine of er werd een hoge dosering vergeleken met een standaarddosering. Atriumfibrilleren was in de meeste kortetermijnonderzoeken een primair of secundair eindpunt, maar in de langer durende onderzoeken niet en dan werden subgroepanalysen uitgevoerd om gegevens over atriumfibrilleren te berekenen.

Resultaat. Er zijn 13 kortetermijnonderzoeken gepubliceerd met in totaal 4.414 patiënten en deze toonden dat behandeling met statinen de kans op een episode van atriumfibrilleren significant verminderde (odds ratio OR 0,61 [0,51-0,74]). Tussen de onderzoeken was sprake van een significante heterogeniteit. De resultaten van 22 langer durende en grotere onderzoeken met in totaal 105.791 patiënten toonden echter dat het gebruik van statinen niet was geassocieerd met een significante vermindering van atriumfibrilleren. Dit was ook het geval in zeven langer durende onderzoeken met 28.964 patiënten waarin een hogere dosering werd vergeleken met een standaarddosering. Tussen de langer durende onderzoeken was geen sprake van significante heterogeniteit.

Conclusie onderzoekers. De aanwijzingen uit gepubliceerde kortetermijnonderzoeken dat statinen een positief effect hebben op het verminderen van atriumfibrilleren, worden niet ondersteund door een uitvoerig literatuuroverzicht van gepubliceerd en ongepubliceerd bewijs uit langer durende onderzoeken.

Plaatsbepaling

Ondanks eerdere aanwijzingen uit twee meta-analysen van kortdurende onderzoeken,2 3 toont de huidige meta-analyse van gepubliceerde en ongepubliceerde langer durende onderzoeken geen bewijs voor de werkzaamheid van statinen bij de preventie van atriumfibrilleren.
De onderzoekers schrijven de verschillende uitkomsten toe aan methodologische en klinische verschillen tussen de in de meta-analysen ingesloten onderzoeken. In de kortdurende onderzoeken werden nauwkeurigere methoden gebruikt om atriumfibrilleren vast te stellen, terwijl in de langer durende onderzoeken vaker werd afgegaan op meldingen in bijwerkingenformulieren waarin de voor patiënten klinisch relevantere vormen van atriumfibrilleren werden opgespoord. De kans op atriumfibrilleren was in de kortdurende onderzoeken groter, onder meer omdat deze patiënten hartchirurgie of cardioversie zouden ondergaan. Ook een verschil in selectiecriteria tussen de onderzoeken zou aanleiding kunnen zijn dat in de kortdurende onderzoeken meer patiënten met recidiverend atriumfibrilleren werden opgenomen. Ten slotte kan publicatiebias, waarbij onderzoeken met een positieve uitkomst meer kans hebben om te worden gepubliceerd, een verklaring voor de verschillen vormen. Dit alles sluit echter niet uit dat statinen bij bepaalde patiëntengroepen een positief effect kunnen hebben, maar dat dient te worden onderzocht in gerandomiseerd onderzoek met voor patiënten relevante uitkomstmaten.



1. Rahimi K, et al. Effect of statins on atrial fibrillation: collaborative meta-analysis of published and unpublished evidence from randomised controlled trials. BMJ 2011; 342: d1250.
2. Fauchier L, et al. Antiarrhythmic effect of statin therapy and atrial fibrillation: a meta-analysis of randomized controlled trials. J Am Coll Cardiol 2008; 51: 828-835.
3. Liu T, et al. Statin use and development of atrial fibrillation: a systematic review and meta-analysis of randomized clinical trials and observational studies. Int J Cardiol 2008; 126: 160-170.

Auteurs

  • dr D. Bijl