Retapamuline (Altargo®), behandeling impetigo en kleine wonden

Alle prikbordartikelen worden gepubliceerd onder medeverantwoordelijkheid van de redactiecommissie.

In deze rubriek worden geneesmiddelen besproken, kort nadat ze in de handel zijn gebracht, of als er sprake is van een uitbreiding van de indicatie. De plaatsbepaling kan meestal slechts voorlopig zijn, omdat nog relatief weinig bekend is over de veiligheid en effectiviteit. Wanneer nieuwe gegevens daartoe aanleiding geven, komen wij op de eerste bespreking terug. 
De pictogrammen betekenen: ++: een belangrijke uitbreiding van het farmacotherapeutische arsenaal, +: een nuttig geneesmiddel, +-: een middel met twijfelachtig nut, of een middel waarvan de waarde nog niet goed kan worden beoordeeld, -: een middel zonder toegevoegde waarde, --: een middel met extra risico's dat niets toevoegt aan de behandelmogelijkheden. 
De prijzen zijn berekend aan de hand van de G-Standaard van de Z-Index van januari 2009, vergoedingsprijzen excl. BTW (€), tenzij anders wordt vermeld.

Pilwaardering: +/- 

Retapamuline  (Altargo®) (GlaxoSmithKline BV) 
zalf 10 mg/g
behandeling impetigo en kleine wonden

Retapamuline is geregistreerd voor de 'kortetermijnbehandeling van impetigo en geïnfecteerde kleine scheur- of schaafwonden of gehechte wonden.'1 De zalf kan worden toegepast vanaf de leeftijd van negen maanden.

Werkingsmechanisme. Retapamuline is een bacteriostatisch middel, hoofdzakelijk gericht tegen S. aureus en S. pyogenes. Retapamuline remt selectief de bacteriële eiwitsynthese via diverse mechanismen, onder meer door een interactie op een aparte bindingsplaats op de ribosomen aan te gaan.2 Resistentieontwikkeling of kruisresistentie met andere antibacteriële middelen is nog niet waargenomen.2 

Werkzaamheid. Hier wordt alleen het gerandomiseerde dubbelblinde onderzoek beschreven, waarvan er twee zijn gepubliceerd.3 4 In het ene onderzoek is de werkzaamheid van retapamuline bij 213 patiënten vergeleken met placebo.3 De leeftijd van de patiënten liep uiteen van 2-13 jaar. De meeste patiënten hadden niet-bulleuze impetigo en de meesten hadden slechts één laesie. Het aangedane gebied was gemiddeld <4 cm2. De primaire uitkomstmaat was het verdwijnen of verbeteren van laesies, zodanig dat geen aanvullende antimicrobiële therapie nodig is. Deze uitkomstmaat werd door 86% patiënten die retapamuline kregen bereikt tegenover 52% in placebogroep, hetgeen een significant verschil was.
Voorts zijn er twee non-inferiority-onderzoeken verricht waarvan de resultaten samengevoegd zijn gepubliceerd.4 Bij in totaal 1.900 patiënten, waarvan circa 85% secundair geïnfecteerde wonden had en de rest eenvoudige abcessen, is de werkzaamheid van retapamuline vergeleken met cefalexine (Keforal®) oraal. Het totale succespercentage voor retapamuline in vergelijking met cefalexine was respectievelijk 91,9% en 89,5% in een per-protocolanalyse. Dit betekent dat non-inferioriteit is aangetoond, met andere woorden dat retapamuline niet slechter is dan cefalexine.4 Opgemerkt dient te worden dat retapamuline niet is geregistreerd voor de behandeling van secundair geïnfecteerde dermatitis.1 
Vergelijkend onderzoek met de standaardbehandeling is alleen met een gerandomiseerd enkelblind opgezet non-inferiority-onderzoek bij 345 patiënten gedaan. Daaruit werd geconcludeerd dat retapamuline niet slechter is dan fusidinezuur.5 

Bijwerkingen. Er zijn geen specifieke onderzoeken gepubliceerd naar de veiligheid en bijwerkingen van retapamuline. In de productinformatie is vermeld dat (1-10%) irritatie op de toedieningsplaats voorkomt.1 Soms (0,1-1%) komen pijn, jeuk, erytheem of contactdermatitis voor.

Contra-indicaties.  Retapamuline mag niet worden gebruikt bij de behandeling van abcessen of om infecties met meticillineresistente S. aureus (MRSA) te behandelen, vanwege onvoldoende werkzaamheid hierbij. Bij >10 geïmpetiginiseerde wonden met in totaal >100 cm2 aangetast huidoppervlak en bij geïnfecteerde wonden >10 cm of bij in totaal >100 cm2 aangetast huidoppervlak is de veiligheid en werkzaamheid niet vastgesteld.

Zwangerschap/lactatie. Het is niet vastgesteld dat retapamuline veilig kan worden toegepast tijdens zwangerschap en lactatie.

 

 

Plaatsbepaling

Bij schaafwonden, snijwonden, blaren en niet al te uitgebreide verwondingen kan meestal met goed reinigen van de aangedane huid worden volstaan, eventueel gevolgd door applicatie van povidonjodium of chloorhexidine. Cutane toepassing van een antimicrobieel middel is volgens de NHG-Standaard ‘Bacteriële huidinfecties’ over het algemeen niet nodig (Gebu 2008; 42: 69-70).6 De huisarts wordt geadviseerd om vanwege het risico op resistentie in het algemeen terughoudend te zijn met de toepassing van fusidinezuur. Alleen bij bijvoorbeeld impetigo raadt men het gebruik van fusidinezuur wel aan, omdat dit sneller tot genezing leidt en het risico op besmetting sneller afneemt.6 Retapamuline heeft geen aangetoonde voordelen boven fusidinezuur. Retapamuline is voorlopig alleen op bestelling verkrijgbaar, aangezien nog geen beslissing over de vergoeding is genomen.

 

 



1. Productinformatie retapamuline (Altargo®) via: www.emea.europa.eu, human medicines, EPAR’s. 
2. CFH-rapport retapamuline (Altargo®) via www.cvz.nl, CFH-rapporten.
3. Koning S, et al. Efficacy and safety of retapamulin ointment as treatment of impetigo: randomized double-blind multicentre placebo-controlled trial. Br J Dermatol 2008; 158: 1077-1082. 
4. Free A, et al. Retapamuline ointment twice daily for 5 days vs oral cephalexin twice daily for 10 days for empiric treatment of secondarily infected traumatic lesions of the skin. Skinmed 2006; 5: 224-232.
5. Oranje AP, et al. Topical retapamulin ointment, 1%, versus sodium fusidate ointment, 2%, for impetigo: a randomized, observer-blinded non-inferiority study. Dermatology 2007; 215: 331-340.
6. NHG-Standaard Bacteriële huidinfecties. Huisarts Wet 2007; 50: 426-444.

Auteurs

  • dr D. Bijl