Ontwennigsverschijnselen na staken serotonine-heropnameremmers

Het optreden van ontwenningsverschijnselen na het staken van opioïden en benzodiazepinen (Gebu 1994; 28: 98-101) is een bekend verschijnsel, maar bij dat van antidepressiva is het minder beschreven. In Australië zijn tot nu toe 32 gevallen gemeld na het staken van paroxetine (22), sertraline (7) en fluoxetine (3). Eén melding had betrekking op een pasgeborene, waarvan de moeder gebruikster was.
De meest voorkomende symptomen waren duizeligheid en misselijkheid. Ook werden beschreven: angst, hoofdpijn, opwinding, slapeloosheid, transpiratie, tremor, vertigo, hallucinaties en depersonalisatie. De duur van de voorafgaande therapie bedroeg enkele weken tot maanden en de verschijnselen begonnen binnen een week na staken, meestal binnen enkele dagen. Het aandeel van de ontwenningsverschijnselen op het totale aantal gemelde bijwerkingen was het grootst voor paroxetine (5,4%), daarna volgden sertraline (2,9%) en fluoxetine (0,5%). Mogelijk is de relatief korte halveringstijd en het ontbreken van actieve metabolieten bij paroxetine hiervan de oorzaak. In de bijsluiter van paroxetine is reeds een waarschuwing opgenomen dat de behandeling niet abrupt moet worden gestaakt.

Serotonine-heropnameremmers kunnen na abrupt staken aanleiding geven tot ontwenningsverschijnselen. Bij staken heeft dan ook een geleidelijke vermindering van de dosering de voorkeur, in het bijzonder bij middelen met een korte halveringstijd, zoals paroxetine. Afhankelijk van de toedieningsvormen die voor de verschillende antidepressiva beschikbaar zijn, kan dit door een lagere sterkte voor te schrijven, de tablet te delen of eventueel met een drank langzaam te minderen. 

<hr />


SSRI's and withdrawal syndrome. Australian Adverse Drug Reactions Bulletin 1996; 15: 3.