In het kortLees artikel

Omega-3-vetzuren niet beter dan placebo


Recent onderzoek concludeert dat suppletie met omega-3-vetzuren geen toegevoegde waarde heeft bij preventie van vroeggeboorte, keratoconjunctivitis sicca (‘droge-ogenziekte’) en preventie van nierschade bij diabetes mellitus type 2. Deze bevindingen sluiten aan bij een uitvoerige reeks systematische reviews waarin consistent niet tot aanbeveling voor suppletie met omega-3-vetzuren werd overgegaan. Het bewijs voor meerwaarde van suppletie is afwezig of veelal van matig tot slechte kwaliteit.

  • Suppletie met omega-3-vetzuren heeft geen meerwaarde bij preventie van vroeggeboorte, keratoconjunctivitis sicca en preventie van nierschade bij diabetes mellitus type 2.

Recent werden de resultaten gepubliceerd van drie gerandomiseerde studies naar omega-3-vetzuren bij preventie van vroeggeboorte1, keratoconjunctivitis sicca (KCS ofwel ‘droge-ogenziekte’)2 en preventie van nierschade bij diabetes mellitus type 23. Voor deze toepassingen was het bewijs tot dusver onvoldoende om een uitspraak te kunnen doen over de effectiviteit. Bij de indicaties vroeggeboorte en KCS hadden onderzoekers eerder nog voorzichtig geconcludeerd dat omega-3-vetzuren mogelijk een positief effect zouden kunnen hebben.4,De conclusie van de huidige drie onafhankelijk van elkaar uitgevoerde studies is echter consistent, namelijk dat suppletie met omega-3-vetzuren geen toegevoegde waarde heeft. 

Omega-3-vetzuren behoren, net als omega-6-vetzuren, tot de meervoudig onverzadigde vetzuren en zijn essentiële voedingsstoffen aangezien het lichaam ze niet (of in zeer beperkte mate) zelf aanmaakt. Suppletie van omega-3-vetzuren wordt met name in de lekenpers aangeraden bij (de preventie van) verschillende aandoeningen.


Dit artikel gaat over het wetenschappelijke bewijs voor suppletie met omega-3-vetzuren bij de drie onderzochte indicaties. Dat bij deze indicaties het bewijs laat zien dat suppletie met omega-3-vetzuren geen meerwaarde heeft, wil niet zeggen dat men voeding met een hoog gehalte aan omega-3-vetzuren beter kan mijden. De universele aanbeveling om een gezond, gevarieerd en op het energieverbruik afgestemd eetpatroon te hanteren staat niet ter discussie. 

Vetzuren vervullen essentiële functies in het menselijk lichaam. Ze zijn onder meer betrokken bij de opbouw van membranen, energieopslag en signaaltransductie. De moleculaire structuur van vetzuren bestaat uit een carboxylzuur met koolwaterstofketens van uiteenlopende lengtes. Respectievelijk de afwezigheid, aanwezigheid van één, of aanwezigheid van meerdere dubbele bindingen tussen koolstofatomen bepaalt de aanduiding van een vetzuur als verzadigd, enkelvoudig onverzadigd, of meervoudig onverzadigd. Bij omega-3-vetzuren bevindt de eerste dubbele binding zich aan het derde koolstofatoom in de keten. In de achtergrondinformatie bij dit artikel staat een overzicht van de belangrijkste bronnen van omega-3-vetzuren.

De Cochrane-samenwerking, een netwerk van wetenschappers die zich bezighouden met het beoordelen van klinische bewijsvoering, heeft veel systematische reviews gepubliceerd over het wetenschappelijke bewijs van de meerwaarde van omega-3 bij meerdere indicaties. Vrijwel alle analyses laten zien dat suppletie met omega-3-vetzuren niet beter is dan placebo. In de achtergrondinformatie bij dit artikel is een overzicht opgenomen van de indicaties waarvoor een systematische Cochrane-review beschikbaar is. 

Een hardnekkig probleem van veel onderzoek naar omega-3-vetzuren is de lage kwaliteit. Hierdoor zijn de resultaten uit veel studies niet bruikbaar voor klinische aanbevelingen. Dit is in het verleden reeds diverse malen benoemd door het Ge-bu.6,7,8,9,10,11


Omega-3-vetzuren ter preventie van vroeggeboorte

Vroeggeboorte is de belangrijkste oorzaak van complicaties en sterfte van kinderen. Het wordt gedefinieerd als start van de bevalling voor 37 weken zwangerschap. Twintig procent van de vroeggeboortes betreft een zwangerschapsduur korter dan 34 weken. De risico’s op complicaties en sterfte voor de neonaat zijn sterk verhoogd bij een bevalling voor 34 weken.

Cochrane-review

Op basis van het destijds (16 augustus 2018) beschikbare bewijs concludeerde een Cochrane-review dat inname van omega-3-vetzuren het risico op vroeggeboorte zou kunnen verlagen, voor zowel het afkappunt van 37 weken als van 34 weken.4 In deze review werd geen uitspraak gedaan over met welke variant of dosering van omega-3 zou moeten worden gesuppleerd. De hier besproken studie was in de Cochrane-review niet meegenomen omdat de publicatiedatum van de studie buiten de inclusieperiode lag.

Geen causaal verband suppletie omega-3 en vroeggeboorte

In Australië werd een grote gerandomiseerde studie uitgevoerd om meer duidelijkheid te creëren over het causale verband tussen suppletie met omega-3-vetzuren en het risico op vroeggeboorte.1 Vrouwen werden na hun eerste afspraak in de zwangerschapskliniek gerandomiseerd in een groep die dagelijks in totaal 900 mg omega-3-vetzuren kreeg, of in een groep die op het oog vergelijkbare capsules met plantaardige olie kreeg. In de groep met omega-3-vetzuren kwam het primaire eindpunt (percentage vroeggeboorte zwangerschap < 34 weken) voor bij 61 van de 2.734 vrouwen (2,2%) en bij de controlegroep bij 55 van de 2.752 vrouwen (2,0%). Dit verschil werd uitgedrukt in een relatief risico (RR) van 1,13 en een 95% betrouwbaarheidsinterval (BI) van 0,79 tot 1,63. 

Op vroeggeboorte na zwangerschap < 37 weken of andere belangrijke secundaire eindpunten werden ook geen significante verschillen aangetroffen. De groepen verschilden ook niet in ernstige bijwerkingen. De omega-3-groep rapporteerde wel vaker boeren, diarree en obstipatie bij de controle bij 28 weken zwangerschap.

Afwijkende resultaten

De auteurs van het Australische onderzoek noemen een aantal verklaringen voor de afwijkende resultaten ten opzichte van de Cochrane-review.1,4 Bij veel andere studies behoorde vroeggeboorte niet tot de primaire onderzoeksvraag, terwijl de Australische studie specifiek voor vroeggeboorte was opgezet. Daarnaast is bekend dat de populatie Australische vrouwen al een relatief hoge consumptie kende van omega-3-vetzuren in de vorm van dieet of laag gedoseerde zwangerschapssupplementen. Vrouwen met een lage eigen voorraad aan omega-3-vetzuren zouden in theorie meer gebaat kunnen zijn bij suppletie dan vrouwen met een hoge eigen voorraad. Een vooraf gespecificeerde subgroepanalyse van de Australische studie vond echter geen bewijs voor deze hypothese.

Gevolgen voor de praktijk

De Australische studie is van hogere kwaliteit dan de studies die in de Cochrane-review zijn geïncludeerd.1,4 Australische zwangere vrouwen zijn op basis van sociaal-economische, culturele en dieetgerelateerde factoren niet aanmerkelijk verschillend van Nederlandse vrouwen. Het totale beschikbare bewijs maakt daarom aannemelijk dat ook de Nederlandse vrouw geen baat heeft bij het gebruik van omega-3-vetzuren ter voorkoming van vroeggeboorte.

Omega-3-vetzuren bij keratoconjunctivitis sicca

Keratoconjunctivitis sicca (KCS), ook wel het sicca-syndroom of droge-ogenziekte genoemd, komt voor bij 6 tot 15% van de algemene bevolking en heeft een sterk negatieve invloed op de levenskwaliteit. Symptomen zijn ‘oculair ongemak’, vermoeidheid en visusstoornissen die onder andere het lezen, autorijden en computergebruik bemoeilijken. De oorzaken kunnen worden geclassificeerd in een afgenomen productie, toegenomen verdamping of onregelmatige verdeling van het traanvocht. Soms is er sprake van een auto-immuunziekte zoals bij het syndroom van Sjögren.12

Cochrane-review

Een systematische review door de Cochrane-samenwerking concludeerde in 2019 dat suppletie met omega-3-vetzuren een onzeker en verwaarloosbaar effect heeft op de symptomen van KCS, maar dat sommige klinische aspecten mogelijk kunnen verbeteren dankzij suppletie.5 

Omega-3 heeft geen meerwaarde bij KCS

In de Cochrane-review was een grote gerandomiseerde studie uit 2018 nog niet meegenomen, het insluiten van literatuur was kort voor publicatie van deze trial afgesloten.5,2 In deze studie werden 349 patiënten met matig tot ernstige KCS gerandomiseerd naar in totaal dagelijks 3000 mg omega-3-vetzuren (suppletiegroep) of olijfolie (placebogroep). De primaire uitkomstmaat was verandering op de ‘Ocular Surface Disease Index’ (ODSI), een gevalideerde 12-item-scorelijst met symptoom-, visusfunctie-, en omgevingstrigger-gerelateerde factoren. Een verschil van 10 punten op de ODSI-schaal wordt beschouwd als klinisch relevant.13

De suppletiegroep gaf na 1 jaar een gemiddelde verbetering op de ODSI-schaal van 13,9 punten en de placebogroep van 12,5 punten.Het gemiddelde verschil was dus 1,9 punten (95%BI -5,0 tot 1,0). De incidentie van ernstige bijwerkingen was 6,0% in de suppletiegroep en 8,1% in de placebogroep (niet significant). Op basis van deze studie had suppletie met omega-3-vetzuren geen meerwaarde boven capsules met olijfolie bij patiënten met matig tot ernstige KCS.

Gevolgen voor de praktijk

De Cochrane-review beoordeelde de kwaliteit van de geïncludeerde studies als matig tot slecht, onder andere vanwege de korte follow-up van ingesloten trials en een hoog risico op bias.5 De niet meegenomen studie uit 2018 is daarentegen wel van hoge kwaliteit.2 Er lijkt daarom geen plaats te zijn voor suppletie met omega-3-vetzuren bij KCS ter verbetering van symptomen, visusfunctie en/of bescherming tegen omgevingstriggers.

Omega-3-vetzuren ter preventie van nierschade bij diabetes mellitus type 2

Chronische nierschade is een veel voorkomend probleem bij patiënten met diabetes mellitus type 2. Door ontregeling van de glucosehuishouding en daarmee gepaard gaande ontstekingsprocessen worden de renale cellen beschadigd. Op de lange termijn leidt dit tot progressieve proteïnurie en glomerulaire dysfunctie.

Dierstudies en observationeel onderzoek

Uit dierstudies leek een positief effect van omega-3-vetzuren te bestaan op het ontstaan en de progressie van nierziekte bij diabetespatiënten. Deze resultaten werden vervolgens gereproduceerd in een retrospectieve analyse van data van een klinische studie (de hoofdvraag van deze studie ging niet over omega-3-vetzuren).14,15 In een andere, observationele studie werd een groep diabetespatiënten gevolgd en was een hogere consumptie van omega-3-vetzuren ook geassocieerd met een gunstiger beloop van diabetische nefropathie.16

Omega-3 heeft geen effect op nierschade

Resultaten van een recente gerandomiseerde studie (de zogenoemde VITAL-DKD-studie) laten echter zien dat inname van omega-3-vetzuren geen effect heeft op het optreden of verslechteren van nierschade bij patiënten met diabetes mellitus type 2.3 Suppletie met omega-3-vetzuren (1 gram visolie waarvan 465 mg eicosapentaeenzuur en 375 mg docosahexaeenzuur) gaf na 5 jaar geen afname van de geschatte glomerulaire filtratiesnelheid ten opzichte van placebo onder 609 patiënten met diabetes mellitus type 2. De groep met omega-3-vetzuren had een afname van 12,2 ml/min/1,73m2, versus een afname van 13,1 ml/min/1,73m2 voor placebo (verschil in afname 0,9 ml/min/1,73m2, 95% BI van het verschil -0,7 tot 2,6). Diverse andere eindpunten waaronder de albumine/creatinine ratio toonden eveneens geen statistisch significant verschil.

Gevolgen voor de praktijk

Een recente meta-analyse berekende dat suppletie van omega-3-vetzuren juist wel een gunstig effect heeft op de nierfunctie van patiënten met diabetes mellitus type 2.17 De geïncludeerde studies waren echter klein en heterogeen. Het significante effect op proteïnurie werd vooral gezien in één kleine studie uit 1995 waarbij het risico op bias bij het randomisatieproces hoog was.18 De hierboven besproken VITAL-DKD-studie is niet meegenomen in deze meta-analyse en includeerde meer patiënten dan alle studies in de meta-analyse bij elkaar. De rol van suppletie met omega-3-vetzuren ter preventie van nierschade bij diabetes mellitus type 2 lijkt dus uitgespeeld. 


Bronnen van omega-3-vetzuren

Meervoudig onverzadigde vetzuren kunnen niet door het lichaam worden aangemaakt en moeten worden verkregen uit voedsel. De primaire bronnen zijn zaden, noten en oliën. Sommige omega-3-vetzuren komen alleen voor in vlees en vis. Het menselijk lichaam kan deze echter ook vormen door de plantaardige omega-3-vetzuren ‘aan elkaar te plakken’. Tabel 1 geeft een overzicht van een selectie van de belangrijkste omega-3-vetzuren en hun bronnen.19

Tabel. 1 Veel voorkomende omega-3-vetzuren met belangrijkste bron

Omega-3-vetzuur

Bron

Alfa-linoleenzuur

walnoten, lijnzaad, koolzaad, soja (en de oliën op basis van deze producten)

Stearinezuur

echiumolie (uit slangenkruid)

Eicosapentaeenzuur

vette vis, zeevruchten, zeewier, krill, krillolie en zeehondenvet

Docosapentaeenzuur

zeehondenvlees en -vet

Docosahexaeenzuur

vette vis, zeevruchten, zeewier, krill, krillolie en zeehondenvet

 

Verondersteld werkingsmechanisme 

Omega-3-vetzuren zouden op diverse processen in het lichaam een ontstekingsremmende werking hebben, onder andere via inhibitie van pro-inflammatoire prostaglandines.20,21 De synthese van triglyceriden in de lever zou worden geremd.22 Daarnaast zijn in dierstudies aanwijzingen gevonden dat omega-3-vetzuren een positief effect zouden hebben op nefropathie en bescherming zouden bieden na blootstelling aan nefrotoxische stoffen.23,24

Dosering

Een beschrijving van een dosis-responscurve of streefwaarde voor suppletie ontbreekt. Daarom is het lastig, zo niet onmogelijk om omega-3-vetzuren op een onderbouwde wijze te doseren. De besproken studies gebruikten doseringen van respectievelijk 900, 1000 en 3000 mg per dag, van verschillende omega-3-verbindingen. Er zijn geen aanwijzingen dat een hogere dan wel lagere dosering, of een andere verhouding van de verbindingen, zou hebben geleid tot andere bevindingen. 

Cochrane-reviews over omega-3-vetzuren

Cochrane heeft bij een lange reeks indicaties systematisch het beschikbare bewijs voor suppletie met omega-3-vetzuren in kaart gebracht. Onderzochte indicaties zijn weergegeven in tabel 2. De conclusie over effectiviteit is bij sommige indicaties niet eenduidig vanwege het gebrek aan kwalitatief goed bewijs. Bij niet één indicatie concluderen de auteurs dat er voldoende bewijs is om de toepassing van suppletie met omega-3-vetzuren te kunnen adviseren. Recent promotieonderzoek naar de rol van omega-3-vetzuren bij depressie sluit hierbij aan.25 Bij de indicaties waarbij enkele positieve effecten werden gerapporteerd, was het onderzoek van te beperkte kwaliteit (observationeel, kleine patiëntaantallen, korte looptijd of surrogaateindpunten) om tot een aanbeveling te kunnen komen.

Tabel 2. Overzicht van Cochrane systematische reviews over de effecten van omega-3-vetzuren.

Indicatie

Literatuurreferentie

ADHD

Gillies D, et al. Polyunsaturated fatty acids (PUFA) for attention deficit hyperactivity disorder (ADHD) in children and adolescents. Cochrane Database Syst Rev. 2012; 2012(7): CD007986 doi:10.1002/14651858.CD007986.pub2

Allergie gedurende de kindertijd

Gunaratne AW, et al. Maternal prenatal and/or postnatal n-3 long chain polyunsaturated fatty acids (LCPUFA) supplementation for preventing allergies in early childhood. Cochrane Database Syst Rev. 2015;(7):CD010085. doi:10.1002/14651858.CD010085.pub2

Astma

Woods RK, et al. Dietary marine fatty acids (fish oil) for asthma. Cochrane Database Syst Rev. 2000;(2):CD001283. doi:10.1002/14651858.CD001283

Autisme

James S, et al. Omega-3 fatty acids supplementation for autism spectrum disorders (ASD). Cochrane Database Syst Rev. 2011;(11):CD007992. doi:10.1002/14651858.CD007992.pub2

Beroerte

Alvarez Campano CG, et al. Marine-derived n-3 fatty acids therapy for stroke. Cochrane Database Syst Rev. 2019;6(6):CD012815. doi:10.1002/14651858.CD012815.pub2

Bipolaire stoornis

Montgomery P, et al. Omega-3 fatty acids for bipolar disorder. Cochrane Database Syst Rev. 2008;(2):CD005169. doi:10.1002/14651858.CD005169.pub2

Cachexie bij kanker

Dewey A, et al. Eicosapentaenoic acid (EPA, an omega-3 fatty acid from fish oils) for the treatment of cancer cachexia. Cochrane Database Syst Rev. 2007;2007(1):CD004597. doi:10.1002/14651858.CD004597.pub2

Chronische nierschade

Tam KW,et al. Omega-3 fatty acids for dialysis vascular access outcomes in patients with chronic kidney disease. Cochrane Database Syst Rev. 2018;11(11):CD011353. doi:10.1002/14651858.CD011353.pub2

Claudicatio

Campbell A, et al. Omega-3 fatty acids for intermittent claudication. Cochrane Database Syst Rev. 2013;(7):CD003833. doi:10.1002/14651858.CD003833.pub4

Cardiovasculair Risicomanagement

Abdelhamid AS, et al. Omega-3 fatty acids for the primary and secondary prevention of cardiovascular disease. Cochrane Database Syst Rev. 2020;3(2):CD003177. doi:10.1002/14651858.CD003177.pub5

Cystische fibrose

Oliver C, et al. Omega-3 fatty acids for cystic fibrosis. Cochrane Database Syst Rev. 2016;2016(1):CD002201. doi:10.1002/14651858.CD002201.pub5

Dementie

Burckhardt M, et al. Omega-3 fatty acids for the treatment of dementia. Cochrane Database Syst Rev. 2016;4(4):CD009002. doi:10.1002/14651858.CD009002.pub3

Depressie

Appleton KM, et al. Omega-3 fatty acids for depression in adults. Cochrane Database Syst Rev. 2015;2015(11):CD004692. doi:10.1002/14651858.CD004692.pub4

Familiaire hypercholesterolemie

Malhotra A, et al. Dietary interventions (plant sterols, stanols, omega-3 fatty acids, soy protein and dietary fibers) for familial hypercholesterolaemia. Cochrane Database Syst Rev. 2014;2014(6):CD001918. doi:10.1002/14651858.CD001918.pub3

Leerstoornissen bij kinderen

Tan ML, et al. Polyunsaturated fatty acids (PUFAs) for children with specific learning disorders. Cochrane Database Syst Rev. 2016;9(9):CD009398. doi:10.1002/14651858.CD009398.pub3

Maculadegeneratie

Lawrenson JG, et al. Omega 3 fatty acids for preventing or slowing the progression of age-related macular degeneration. Cochrane Database Syst Rev. 2015;2015(4):CD010015. doi:10.1002/14651858.CD010015.pub3

Niertransplantatie

Lim AK, et al. Fish oil for kidney transplant recipients. Cochrane Database Syst Rev. 2016;(8):CD005282. doi:10.1002/14651858.CD005282.pub3

Schizofrenie

Joy CB, et al. Polyunsaturated fatty acid supplementation for schizophrenia. Cochrane Database Syst Rev. 2006;2006(3):CD001257. doi:10.1002/14651858.CD001257.pub2

Therapieresistente epilepsie

Sarmento Vasconcelos V, et al. Polyunsaturated fatty acid supplementation for drug-resistant epilepsy. Cochrane Database Syst Rev. 2016;(8):CD011014. doi:10.1002/14651858.CD011014.pub2

Diabetes mellitus type 2

Hartweg J, et al. Omega-3 polyunsaturated fatty acids (PUFA) for type 2 diabetes mellitus. Cochrane Database Syst Rev. 2008;(1):CD003205. doi:10.1002/14651858.CD003205.pub2

Ulceratieve colitis

Turner D, et al. Omega 3 fatty acids (fish oil) for maintenance of remission in ulcerative colitis. Cochrane Database Syst Rev. 2007;(3):CD006443. doi:10.1002/14651858.CD006443.pub2

Ziekte van Crohn

Lev-Tzion R, et al. Omega 3 fatty acids (fish oil) for maintenance of remission in Crohn's disease. Cochrane Database Syst Rev. 2014;(2):CD006320. doi:10.1002/14651858.CD006320.pub4

 

Onderzoeksinformatie besproken studies

Preventie vroeggeboorte1
Onderzoeksnaam: DHA to Optimise Mother Infant Outcome (DOMINO) trial
Opzet: gerandomiseerd multicentrisch dubbelblind gecontroleerd onderzoek, uitgevoerd in 6 Australische verloskundige klinieken
Insluitingscriteria: vrouwen die zwanger waren van een eenling en die één van de zes deelnemende klinieken bezochten voor reguliere controles werden gerekruteerd bij hun eerste reguliere controle
Belangrijke uitsluitingscriteria: vrouwen die reeds supplementen gebruikten die meer dan 150 mg aan omega-3-vetzuren bevatten, of vrouwen die niet wilden stoppen met gebruik van supplementen met minder dan 150 mg aan omega-3-vetzuren. Vrouwen met coagulopathie, met coagulatietherapie, geschiedenis van misbruik, of waarbij bekend was dat de foetus een aangeboren afwijking had
Interventie: 1x per dag 3 capsules met omega-3-vetzuren versus 1x per dag 3 capsules met plantaardige olie (verhouding 1:1). De dosering omega-3 was ongeveer 900 mg per dag
Primair(e) eindpunt(en) en looptijd: vroegtijdige bevalling, gedefinieerd als bevalling voor 34 volledige weken zwangerschap
Beoogd patiëntenaantal en power: 5.540 zwangerschappen moesten worden geïncludeerd om met 85% power een verschil van 1,16 percentage-punt op het primaire eindpunt te kunnen detecteren met een α van 0,05
Randomisatie: ‘web-based’ randomisatie, met ‘balanced variable blocks’ en stratificatie op kliniek en geschiedenis van supplementgebruik (ja of nee)
Blindering: capsules waren identiek qua uiterlijk. Interventies waren geblindeerd voor patiënten en onderzoekers
Geanalyseerde populatie: intention-to-treat
Aantal ingesloten patiënten: 5.517
Trialregistratie: New Zealand Clinical Trials Registry: ACTRN12613001142729.
Financiering: de Australian National Health and Medical Research Council en de Thyne Reid Foundation
Keratoconjunctivitis sicca2
Onderzoeksnaam: ‘Dry Eye Assessment and Management’ (DREAM) trial
Opzet: gerandomiseerd multicentrisch dubbelblind placebogecontroleerd onderzoek
Insluitingscriteria: patiënten met matig tot ernstige keratoconjunctivitis sicca.
Belangrijke uitsluitingscriteria: patiënten die minder dan 90% van de ‘run-in’ supplementen hadden ingenomen, patiënten die contactlenzen hadden gedragen gedurende 30 dagen voor de screening, patiënten die een (laser)operatie hadden ondergaan de afgelopen 6 maanden, patiënten met een historie van ooginfecties of met een contra-indicatie voor vetzuursupplementen
Interventie: behandeling met actieve supplementen vs. behandeling met placebo (verhouding 2:1). Beide interventies bestonden uit dagelijkse inname van 5 identieke gelatinecapsules. De dosering omega-3 was 3000 mg per dag
Primair(e) eindpunt(en) en looptijd: gemiddelde verandering ten opzichte van baseline van de OSDI-score na 6 en 12 maanden
Beoogd patiëntenaantal en power: 505 patiënten waren nodig om met 90% power een 6-punts verschil te kunnen aantonen tussen de interventies
Randomisatie: ‘web-based’ randomisatie met stratificatie op kliniek, door middel van ‘permuted-block’ methode met willekeurige ‘block’-grootte
Blindering: capsules waren identiek qua uiterlijk. Interventies waren geblindeerd voor patiënten en onderzoekers 
Geanalyseerde populatie: intention-to-treat
Aantal ingesloten patiënten: 535
Trialregistratie: clinicaltrials.gov NCT02128763
Financiering: National Eye Institute, National Institutes of Health en aanvullende beurzen van de National Institutes of Health (onderzoeksinstituten gerelateerd aan de overheid van de Verenigde Staten)
Preventie nierschade bij diabetes3
Onderzoeksnaam: Vitamin D and Omega-3 Trial to Prevent and Treat Diabetic Kidney Disease (VITAL-DKD) trial
Opzet: gerandomiseerd, mono-center, dubbelblind, placebogecontroleerd onderzoek met een 2x2 factor design. Suppletie met vitamine D als omega-3-vetzuren kon zo afzonderlijk en in combinatie met elkaar worden vergeleken met placebo 
Insluitingscriteria: type 2-diabetespatiënten van 50 jaar of ouder (man) en 55 jaar of ouder (vrouw)
Belangrijke uitsluitingscriteria: zwangerschapsdiabetes, diagnose van insuline-behandelde diabetes op een leeftijd jonger dan 30 jaar, een bekende oorzaak van chronische nierschade anders dan diabetes
Interventie: 4 interventies werden getest: 1) vitamine D + omega-3-vetzuren, 2) vitamine D + placebo, 3) omega-3-vetzuren + placebo, 4) 2x placebo. De dosering omega-3 was 1000 mg per dag 
Primair(e) eindpunt(en) en looptijd: verandering in de geschatte glomerulaire filtratiesnelheid ten opzichte van baseline na 5 jaar
Beoogd patiëntenaantal en power: 1.320 patiënten waren nodig om met 80% power een verschil van 2,3 ml/min/1,73m2 te detecteren op een 2-zijdig α-niveau van 0,05
Randomisatie: computergegenereerde randomisatie in blokken van 8, gestratificeerd op leeftijd, geslacht en etniciteit
Blindering: behandelingen waren identiek en geblindeerd voor patiënten en onderzoekers
Geanalyseerde populatie: intention-to-treat
Aantal ingesloten patiënten: 1.312
Trialregistratie: clinicaltrials.gov: NCT01684722
Financiering: deels door Amerikaanse overheidsinstanties, deels door fabrikanten van diagnostische apparatuur
 
 

  1. Makrides M, Best K, Yelland L, et al. A Randomized Trial of Prenatal n-3 Fatty Acid Supplementation and Preterm Delivery. N Engl J Med. 2019;381(11):1035-1045. doi:10.1056/NEJMoa1816832
  2. Dry Eye Assessment and Management Study Research Group, Asbell PA, Maguire MG, et al. n-3 Fatty Acid Supplementation for the Treatment of Dry Eye Disease. N Engl J Med. 2018;378(18):1681-1690. doi:10.1056/NEJMoa1709691
  3. de Boer IH, Zelnick LR, Ruzinski J, et al. Effect of Vitamin D and Omega-3 Fatty Acid Supplementation on Kidney Function in Patients With Type 2 Diabetes: A Randomized Clinical Trial [published online ahead of print, 2019 Nov 8]. JAMA. 2019;322(19):1899-1909. doi:10.1001/jama.2019.17380
  4. Middleton P, Gomersall JC, Gould JF, Shepherd E, Olsen SF, Makrides M. Omega-3 fatty acid addition during pregnancy. Cochrane Database Syst Rev. 2018;11(11):CD003402. Published 2018 Nov 15. doi:10.1002/14651858.CD003402.pub3
  5. Downie LE, Ng SM, Lindsley KB, Akpek EK. Omega-3 and omega-6 polyunsaturated fatty acids for dry eye disease. Cochrane Database Syst Rev. 2019;12(12):CD011016. Published 2019 Dec 18. doi:10.1002/14651858.CD011016.pub2
  6. Hornstra G. Visoliesupplementen. Gebu. 1999;33(4):37-42.
  7. Kerst AJFA. Beschermt visolie tegen levensbedreigende hartritmestoornissen? Gebu. 2005;39(12):137.
  8. Kerst AJFA. Werken B-vitaminen en omega-3-vetzuren gunstig bij cardiovasculaire aandoeningen? Gebu. 2011;45(8):94-95.
  9. Kerst AJFA. Visolievetzuren en cardiovasculaire incidenten. Gebu. 2013;47(2):24-25.
  10. Nieuwhof MAE. www.schiffmegared.nl. Gebu. 2014;48(6):69-70.
  11. van der Heijden S, Janssens HJEM . Suppletie omega-3-vetzuren geen cardiovasculair nut. Gebu. 2019;53(2):17-19.
  12. Nederlands Huisartsen Genootschap. Bolsius EJ, De Jongh E, Larsen-Bakker IM, et al. NHG-Standaard Rood oog en oogtrauma. Versie 2.0 december 2017. Via: //www.nhg.org/standaarden/samenvatting/rood-oog-en-oogtrauma#Inleiding. Geraadpleegd op 27 mei 2020.
  13. Miller KL, Walt JG, Mink DR, et al. Minimal clinically important difference for the ocular surface disease index. Arch Ophthalmol. 2010;128(1):94-101. doi:10.1001/archophthalmol.2009.356
  14. Lee CC, Sharp SJ, Wexler DJ, Adler AI. Dietary intake of eicosapentaenoic and docosahexaenoic acid and diabetic nephropathy: cohort analysis of the diabetes control and complications trial. Diabetes Care. 2010;33(7):1454-1456. doi:10.2337/dc09-2245
  15. No authors listed 1986. The Diabetes Control and Complications Trial (DCCT). Design and methodologic considerations for the feasibility phase. The DCCT Research Group. Diabetes. 1986;35(5):530-545.
  16. Cárdenas C, Bordiu E, Bagazgoitia J, Calle-Pascual AL; Diabetes and Nutrition Study Group, Spanish Diabetes Association. Polyunsaturated fatty acid consumption may play a role in the onset and regression of microalbuminuria in well-controlled type 1 and type 2 diabetic people: a 7-year, prospective, population-based, observational multicenter study. Diabetes Care. 2004;27(6):1454-1457. doi:10.2337/diacare.27.6.1454
  17. Chewcharat A, Chewcharat P, Rutirapong A, Papatheodorou S. The effects of omega-3 fatty acids on diabetic nephropathy: A meta-analysis of randomized controlled trials. PLoS One. 2020;15(2):e0228315. Published 2020 Feb 11. doi:10.1371/journal.pone.0228315
  18. Shimizu H, Ohtani K, Tanaka Y, Sato N, Mori M, Shimomura Y. Long-term effect of eicosapentaenoic acid ethyl (EPA-E) on albuminuria of non-insulin dependent diabetic patients. Diabetes Res Clin Pract. 1995;28(1):35-40. doi:10.1016/0168-8227(95)01056-j
  19. Shapiro H, Theilla M, Attal-Singer J, Singer P. Effects of polyunsaturated fatty acid consumption in diabetic nephropathy. Nat Rev Nephrol. 2011;7(2):110-121. doi:10.1038/nrneph.2010.156
  20. Patel FA, Challis JRG. Prostaglandins and uterine activity. In: Smith R, ed. The endocrinology of parturition: basic science and clinical application. Basel, Switzerland: Karger, 2001: 31-56.
  21. Serhan CN, Chiang N, Van Dyke TE. Resolving inflammation: dual anti-inflammatory and pro-resolution lipid mediators. Nat Rev Immunol. 2008;8(5):349-361. doi:10.1038/nri2294
  22. College ter Beoordeling van Geneesmiddelen. Geneesmiddeleninformatiebank. Productinformatie Omacor. Via: //www.geneesmiddeleninformatiebank.nl. Geraadpleegd op 18 mei 2020.
  23. Brown SA, Brown CA, Crowell WA, et al. Effects of dietary polyunsaturated fatty acid supplementation in early renal insufficiency in dogs. J Lab Clin Med. 2000;135(3):275-286. doi:10.1067/mlc.2000.105178
  24. Hagiwara S, Makita Y, Gu L, et al. Eicosapentaenoic acid ameliorates diabetic nephropathy of type 2 diabetic KKAy/Ta mice: involvement of MCP-1 suppression and decreased ERK1/2 and p38 phosphorylation. Nephrol Dial Transplant. 2006;21(3):605-615. doi:10.1093/ndt/gfi208
  25. Thesing CS. Fatty acids in depressive and anxiety disorders: Fishing for answers. PhD Thesis Vrije Universiteit Amsterdam 2020.

Auteurs

  • dr Sander van den Bogert, apotheker Apotheek Boekel, Boekel