Maagklachten bij gebruik van Cimicifuga racemosa (Ymea)

Ymea is een kruidenmiddel dat zonder recept verkrijgbaar is en waarvan de producent beweert dat het helpt tegen overgangsklachten. Het werkzame bestanddeel van Ymea is afkomstig van Cimicifuga racemosa. Dit is een Noord-Amerikaanse plant waarvan de wortelstok wordt gebruikt voor medicinale doeleinden. In de bijsluitertekst wordt gebruik tijdens zwangerschap en lactatie afgeraden. Er worden geen bijwerkingen of interacties genoemd. Recent ontving de Inspectie voor de Gezondheidszorg (IGZ) een melding van maagklachten bij een patiënte die Ymea gebruikte tegen overgangsklachten.

Casus.  Het betrof de ziektegeschiedenis van een 57-jarige vrouw, die hevige aanvallen van maagpijn ontwikkelde tijdens de periode dat zij Ymea gebruikte. De klachten waren zo hevig dat zij diverse keren de huisarts consulteerde en diverse medische onderzoeken onderging. De maagpijn trad meerdere malen per dag aanvalsgewijs op en verdween meestal snel na het drinken van een ruime hoeveelheid water. Bij gastroscopie werd een kleine hernia diafragmatica gevonden, waarvoor zij antacida kreeg voorgeschreven. Deze hadden echter nauwelijks effect. De klachten verdwenen volledig nadat zij het gebruik van Ymea staakte, aangezien haar overgangsklachten waren verdwenen. In totaal heeft patiënte het middel 2,5 jaar gebruikt in een dosering van één tabletje per dag. Omdat de bijsluiter geen bijwerkingen vermeldde, heeft zij niet eerder een verband gelegd tussen haar langdurig bestaande klachten en het gebruik van Ymea. Naast Ymea gebruikte zij enalapril. Er was geen duidelijke tijdsrelatie tussen de klachten en dit middel.
Hoewel in de bijsluiter dus geen bijwerkingen worden genoemd, wordt in het standaardwerk over kruidenmiddelen 'Adverse Effects of Herbal Drugs' maagklachten als weinig voorkomende bijwerking genoemd. Bovendien wordt geadviseerd dit middel niet langer dan zes maanden te gebruiken. Aangezien Ymea niet als geneesmiddel maar als consumentenproduct in de handel is, is met de fabrikant en de Keuringsdienst van Waren contact opgenomen om deze bijwerking en beperkte gebruiksduur in de bijsluiter op te nemen.
Ten onrechte wordt door de meeste consumenten ervan uitgegaan dat kruidenmiddelen geen bijwerkingen hebben. Deze ziektegeschiedenis onderstreept opnieuw de noodzaak bij onverklaarde of onvoldoende verklaarde klachten aan een bijwerking te denken, ook als de bijsluiter geen bijwerkingen vermeldt. Dit geldt zoals al meerdere malen is beschreven, ook voor kruidengeneesmiddelen.

<hr />


1. Smet PAGM de, et al. (eds.). Adverse Effects of Herbal Drugs. Berlin: Springer-Verlag 1993. 

Auteurs

  • prof. dr B.H.Ch. Stricker