Erlotinib (Tarceva®), tweedelijnsbehandeling van niet-kleincellig longcarcinoom

Erlotinib (Tarceva®) is geregistreerd voor de 'behandeling van patiënten met lokaal gevorderd of gemetastaseerd niet-kleincellig longcarcinoom na falen van tenminste één voorafgaand chemotherapieregime'.1 De aanbevolen dagelijkse dosering erlotinib is 150 mg, ingenomen tenminste één uur vóór of twee uur na de inname van voedsel.

Werkingsmechanisme. Erlotinib is een specifieke en krachtige remmer van de intracellulaire fosforylering van de Epidermale-GroeiFactorReceptor 1 (EGFR, ook bekend als HER1). EGFR komt tot expressie op het celoppervlak van normale en carcinoomcellen en speelt een belangrijke rol in de signaaloverdracht tussen cellen. 

Klinisch onderzoek. Er is één gerandomiseerd dubbelblind en placebogecontroleerd onderzoek gepubliceerd waarin de werkzaamheid van erlotinib is onderzocht bij 731 patiënten met lokaal gevorderd of gemetastaseerd niet-kleincellig longcarcinoom (stadium IIIB/IV) na falen van tenminste één chemotherapieregime.2 Het primaire eindpunt van het onderzoek was totale overleving. Het merendeel van de patiënten was eerder behandeld met een platinaverbinding en circa eenderde met taxaanbevattende chemotherapie. Ten opzichte van placebo werd de mediane overleving met erlotinib met twee maanden verlengd, respectievelijk 4,7 maanden (95% BI=4,1-6,3) en 6,7 (5,5-7,8) maanden. Bij de groep (45%) patiënten met een bekende EGFR-expressie status, bedroeg het risico van overlijden 0,68 (0,49-0,94) voor de patiënten met EGFR-positieve tumoren en 0,93 (0,63-1,36) voor de patiënten met EGFR-negatieve tumoren. 

Bijwerkingen. De meest voorkomende bijwerkingen van erlotinib zijn huiduitslag (75%) en diarree (54%). De huiduitslag betreft meestal een acneïforme eruptie. Alopecia is ook een vaak voorkomende bijwerking. Zelden komt interstitiële longziekte voor (0,8%). Zelden is leverfalen, waaronder gevallen met fataal verloop, gemeld. 

Contra-indicaties en interacties. De enige contra-indicatie voor erlotinib is overgevoeligheid ervoor of voor (één van) de hulpstoffen. Erlotinib wordt gemetaboliseerd door CYP3A4 en in iets mindere mate door CYP1A2. Tijdens behandeling wordt roken sterk ontraden, omdat hierdoor CYP1A2 wordt geactiveerd. 

Conclusie. Bij patiënten met een gevorderd niet-kleincellig longcarcinoom met metastasen op afstand en een goede conditie kan behandeling met docetaxel en pemetrexed worden overwogen. Voor erlotinib bestaat een iets breder indicatiegebied, namelijk als tweede- en derdelijnsbehandeling met patiënten met een gemetastaseerd niet-kleincellig longcarcinoom.

<hr />

1. Wetenschappelijke discussie en IB tekst erlotinib (Tarceva®) via http://www.emea.europa.eu/index/indexh1.htm (via EPAR for authorised products).
2. Shepherd FA, et al. Erlotinib in previously treated non-small-cell lung cancer. N Engl J Med 2005; 353: 123-132.

Auteurs

  • dr A.J. Croockewit (CBG)