Allergische reacties op sitagliptine

Achtergrond. Sitagliptine (Januvia®) is een oraal bloedglucoseverlagend geneesmiddel dat behoort tot de groep van de dipeptidylpeptidase (DPP)-4-remmers (Gebu 2010; 44: 49-55). Tot de bekende bijwerkingen van dit middel behoren infecties, zoals nasofaryngitis en urineweginfecties, acute pancreatitis en hoofdpijn.
In 2007 is in de Verenigde Staten de productinformatie van sitagliptine uitgebreid met overgevoeligheidsreacties, waarvan de meeste optreden binnen drie maanden na het eerste gebruik. In de Europese Unie zijn op grond van postmarketingonderzoek in de rubriek ‘Waarschuwingen en speciale voorzorgen’ waarschuwingen over dit risico opgenomen.1 Onderzoekers wilden weten wat de incidentie van overgevoeligheidsreacties was bij het gebruik van sitagliptine.

Methode. Daartoe doorzochten zij het gegevensbestand over bijwerkingen van de Amerikaanse registratieautoriteit Food and Drug Administration (FDA) op alle spontane meldingen van mogelijke geneesmiddelenallergie.2 Allergische reacties werden ingedeeld in anafylactische reacties, angio-oedeem zonder bovenste luchtwegobstructie, ernstige huidreacties en allergische vasculitis. Meldingen werden uitgesloten als er sprake was van ernstige comorbiditeit en als het geneesmiddelen betrof die een hoog risico op allergische reacties hebben, zoals ACE-remmers.

Resultaat. In de periode oktober 2006 tot november 2008 waren 186 meldingen van mogelijke allergische reacties op sitagliptine bij de FDA gedaan. Uiteindelijk voldeden 48 meldingen aan de criteria van de onderzoekers: anafylactische reacties 15, angio-oedeem vier, ernstige huidreacties 26 en vasculitis drie. In 77% van de gevallen was ziekenhuisopname noodzakelijk. Op grond van criteria van de World Health Organisation (WHO)3 werden vijf meldingen als zeker geduid, 30 als waarschijnlijk en 13 als mogelijk.

Werkingsmechanisme. De pathogenese van allergische reacties op sitagliptine is niet bekend. Het DPP-4-molecuul is aanwezig op bepaalde CD4- en CD8-T-cellen, B-cellen en ‘natural killer’-cellen. Activatie van lymfocyten leidt tot het verstrekt tot uiting komen van DPP-4-enzymen.4 DPP-4-remmers zouden derhalve de immunorespons kunnen wijzigen, ofschoon er voor deze hypothese geen definitief bewijs is.

Conclusie. De tot nu toe bij de FDA ontvangen spontane meldingen van allergische reacties op sitagliptine zijn ernstig van aard. De productinformatie van sitagliptine geeft aan dat als er een vermoeden is van een allergische reactie op sitagliptine, het gebruik ervan direct dient te worden gestaakt, andere mogelijke verklaringen dienen te worden onderzocht en een alternatieve behandeling voor de diabetes mellitus moet worden ingesteld.
Bij het Nederlands Bijwerkingencentrum Lareb was tot 20 augustus 2010 één melding van rash door sitagliptine binnengekomen (www.lareb.nl). Hierbij dient te worden opgemerkt dat sitagliptine weinig wordt voorgeschreven.

<hr />


1. Productinformatie sitagliptine (Januvia®), via: www.ema.europa.eu, human medicines, EPARs.
2. Desai S, et al. Sitagliptin-associated drug allergy: review of spontaneous adverse event reports [research letter]. Arch Intern Med 2010; 170: 1169-1171.
3. Uppsala Monitoring Centre. The use of the WHO-UMC system for standardized case causality assessment [document op het internet]. Via: http://www.who-umc.org/graphics/4409.pdf.
4. Lambeir A-M, et al. Dipeptidyl-peptidase IV from bench to bedside: an update on structural properties, functions and clinical aspects of the enzyme DPP IV. Crit Rev Clin Lab Sci 2003; 40: 209-294.

Auteurs

  • dr D. Bijl