Hoe veilig is selectieve β-blokkade bij astma en COPD?

Achtergrond. β-blokkers, van groot nut bij de behandeling van ischemische hartziekten en hypertensie en ook bij lokale toepassing bij glaucoom, kunnen bronchospasmen opwekken bij patiënten, die tevens astma of chronisch obstructieve longziekte (COPD) hebben. Dat geldt bij uitstek voor de niet-selectieve β-blokkers en geldt bij gevoelige personen al in lage dosering. Het gevolg is dat bij evident cardiale indicatie deze middelen met grote terughoudendheid worden voorgeschreven. Hoe groot is nu de kans op bronchospasmen bij cardioselectieve β1-blokkers? Recent zijn twee meta-analysen over dit onderwerp verschenen.

I. Reversibele luchtwegobstructie.1 2
Methode.  De veiligheid van selectieve β-blokkers werd nagegaan in een meta-analyse van gerandomiseerde gecontroleerde onderzoeken met in totaal bijna 400 astma- en COPD-patiënten met een reversibele luchtwegobstructie. Een dergelijke obstructie werd gedefinieerd als een verbetering van de expiratoire één-secondewaarde (FEV1) met meer dan 15% na het toedienen van een bronchodilatans. Deze vrij jonge patiënten (gem. leeftijd 40 jr.) hadden stabiele, lichte tot matige astma, zonder recente exacerbatie.

Resultaat. 
Bij eenmalige toediening van een selectieve β-blokker in een therapeutische of iets hogere dosis nam de FEV1 7,5% meer af dan na placebo (95%BI=5,6-9,3). Als vervolgens een brochusverwijdende β2-agonist per inhalatie of intraveneus werd toegediend, was de toename van de FEV1 in de selectieve β-blokkadegroep juist 4,6% groter dan bij placebo (95%BI=2,5-6,8). De incidentie van ademhalingsklachten was niet verschillend. Bij langduriger gebruik van een selectieve β-blokker (van 3 dagen tot 4 weken) werd geen significant verschil met placebogebruik gevonden in FEV1, in klachten of in behoefte aan geïnhaleerde β2-agonisten. Ook nu bleef de reactie op β2-agonisten bij de gebruikers van selectieve β-blokkade 8,7% sterker dan bij placebo (95%BI=2,0-15,5). De uitkomsten waren niet wezenlijk anders in een subgroep van patiënten met hypertensie als comorbiditeit.

Conclusie onderzoekers. 
Selectieve β-blokkers kunnen zonder bezwaar worden voorgeschreven aan patiënten met licht tot matig ernstige bronchospastische luchtwegaandoeningen.

II. COPD.3
Methode. 
De tweede meta-analyse betrof de gerandomiseerde en gecontroleerde onderzoeken van selectieve β-blokkers bij patiënten, bij wie op gestandaardiseerde wijze de diagnose COPD was gesteld, al dan niet met een reversibele luchtwegobstructie. Deze populatie van in totaal 270 patiënten was iets ouder (gem. leeftijd 54 jr.), met een hogere prevalentie van ischemische hartziekten en hypertensie.

Resultaat. 
Selectieve β-blokkers, als eenmalige dosis of langduriger (gem. één maand) toegediend, veroorzaakten geen significante verandering van de FEV1 of van klachten in de luchtwegen in vergelijking met placebo. Ook de reactie van de FEV1 op toegediende β2-agonisten bleef behouden. Bij subgroepanalyse van patiënten met ernstige COPD (FEV1 <1,4 l of <50% van de voorspelde waarde) waren de uitkomsten gelijk.

Conclusie onderzoekers. 
Ook ernstigere vormen van COPD met of zonder bronchospasmen zijn geen contraïndicatie voor de toepassing van selectieve β-blokkers.

Plaatsbepaling

Cardioselectieve β-blokkers, zoals atenolol, bisoprolol en metoprolol, zijn ten minste 20 keer meer werkzaam op β1- dan op β2-receptoren. Het blijkt dat bij therapeutische doses hun β2-blokkerend effect te verwaarlozen is. Zij kunnen, in ieder geval gedurende een periode korter dan één maand, veilig worden gebruikt door patiënten met licht of matig ernstig astma of COPD. Over de veiligheid bij ernstige vormen van astma en tijdens exacerbaties is niets bekend. Behandeling met een lage aanvangsdosis, voorzichtig opklimmen en eventueel gelijktijdig inhaleren van een β2-agonist heeft in elk geval de voorkeur.



1. Salpeter SR, et al. Cardioselective b-blockers in patients with reactive airway disease: a meta-analysis. Ann Intern Med 2002; 137: 715-725.
2. Epstein PE. Fresh air and b-blockade. Ann Intern Med 2002; 137: 766-767.
3. Salpeter SS, et al. Cardioselective beta-blockers for chronic obstructive pulmonary disease. In: Oxford: The Cochrane Library Update Software, 2003; issue 1. 

Auteurs

  • dr A.J.F.A. Kerst